Mexico
Mijn werkkampervaringen
Op 29 augustus 2001 vertrok ik binnen het Werkkampen Zuidenprogramma van VIA naar Mexico voor een werkkamp met jongeren . Op de vlieghaven stond ik al te rillen en had ik hoofdpijn van een hoofd dat vol met vragen zat. Zal ik er ooit aankomen, is dit wel een juiste beslissing... Als ik er nu aan terug denk, begrijp ik gewoon niet dat ik me zoveel zorgen heb gemaakt voor niets.
Aangekomen in Mexico city moest ik nog een vlucht boeken om de volgende dag naar het Noorden te vliegen (Sonora), een slaapplaats vinden en proberen er niet te bang uit te zien.
Dat laatste was waarschijnlijk nog het moeilijkste. Door iedereen werd ik aangesproken en bekeken; ik wist totaal niet wie ik kon vertrouwen en wie niet! Mijn enigste doel was om zo snel mogelijk aan te komen in dat werkkamp.
Na 2 dagen reizen was ik op de plaats van ontmoeting, tenminste dat dacht ik toch. Na 3 uur wachten wist ik dat er iets mis was, maar gelukkig had ik die noodtelefoonnummers bij me.
Helaas... waren deze nummers onbestaand! Heeeeeelp!!!
De organisatie daar is niet echt alles, maar juist door zo van die ervaringen, doordat je weet dat het alleen op jezelf aankomt, leer je het meeste bij. En dat was ook heel de bedoeling van deze verre reis: mijn plan trekken en avonturen tegemoet gaan.
Santa Anna, Sonora
Hoera! Ik was er geraakt! Eindelijk zag ik dan voor het eerst mijn werkteam voor de komende weken. Iedereen was super enthousiast, onmiddellijk voelden we ons al verbonden. En nee, dit is geen onnozel romantisch verhaaltje, natuurlijk wisten we allemaal dat, in ons binnenste, we ons onzeker en alleen voelden, maar juist omdat we dat allemaal ervaarden ontstond er eenheid, nog nooit was ik zo blij om mensen te ontmoeten die ik niet ken. Eén ding stond vast: we moesten en zouden ons de komende weken amuseren! Vol motivatie begonnen we aan de eerste week.
Het was de allereerste keer dat er een werkkamp werd gedaan in Santa Anna. Het is een klein dorpje waar iedereen iedereen kent en waar toerisme niet bestaat, het is een goed ontwikkeld dorpje. Ik denk dat wij daar in de armste omstandigheden woonden. Niet dat we het slecht hadden, zeker niet, maar ik bedoel hiermee dat we geen warm water hadden, geen stromend water, slechts 1 kookvuur en dergelijke. Natuurlijk is dit alles niet erg, maar ik wil maar aantonen dat de bevolking het er wel goed heeft. Om eerlijk te zijn, ik en andere vrijwilligers hadden er arme mensen verwacht die in hutten leefden, mensen die hulp nodig hadden. Dat was wel even een desillusie, plots zagen we het nut niet meer in van onze komst. Wat konden wij hier nu komen doen? Al snel nam iedereen de houding aan van op vakantie te zijn.
In de ochtend werkten we van 9.00 u tot 14.00 u. Althans dat was de bedoeling, maar bij 40 graden is dat wel echt moeilijk. We moesten een kanaal graven dat een drainagesysteem zou worden voor boompjes die we ook zouden planten. Ook al vond ik dit werk niet verrijkend, laat staan echt nuttig, werkte ik hard en zette ik me in. Al gauw werd duidelijk wie er kwam om te werken en wie er kwam luieren.
Vanaf de tweede dag zouden we ook 'werken' met een veertigtal jongeren van de school, elke dag van 16.00 tot 19.00u. Vanaf die eerste samenkomst met de Mexicaanse scholieren, is alles veranderd voor mij. Elke dag kwamen we samen voor plezier (van zakdoekleggen tot ingewikkelde spelletjes) en voor serieuzere zaken (discussie-avonden rond drugs, rollenpatronen...).
Elke dag waren ze even enthousiast en bereid om het beste van zichzelf te geven; ik ging hier volledig in op en genoot van elke dag. Al gauw waren het niet meer die 3 uurtjes per dag, maar werd ik uitgenodigd bij scholieren thuis en hielden we feestjes tot in de late uurtjes. De jongeren daar hebben nog nooit iemand uit een ander land gezien, laat staan uit een ander werelddeel, ze denken daar zelfs dat heel de wereld dagelijks tortillas eet!
Ik had mijn doel gevonden, we zouden praten en verschillen vergelijken, leren van elkaar en echte vrienden worden. Tevreden passeerde ik daar mijn dagen, overdag werkte ik hard en 's avonds was ik wel altijd in een of ander Mexicaans huis.
Terwijl ik daar de beste tijd van mijn leven had, vergat ik dat ik daar met een groep was die ik eigenlijk nog niet zo goed kende. Stilaan voelde ik ook spanningen ontstaan binnen de groep, er ontstonden kleine groepjes. Logisch natuurlijk, maar toch zouden we er eens over praten en proberen de sfeer te verbeteren. Mij werd verweten dat ik teveel integreerde en nooit bij de groep vrijwilligers was. In het begin werd ik hier heel boos van en zag niet in hoe dat nu negatief kon zijn. Door te praten is alles dan wel opgelost geraakt; ik denk gewoon dat ik sommige mensen het kwalijk nam dat ze niet eens de moeite hadden gedaan om 2 woorden Spaans te leren. Omdat ikzelf redelijk goed Spaans spreek ging het voor mij natuurlijk gemakkelijker, doch die kleine meningsverschillen hebben ons dichter bij elkaar gebracht; door erover te praten kon iedereen zo eens zijn hart luchten.
Plots ontdekten we dat het Japanse meisje zich eenzaam voelde en onbegrepen, het Italiaanse meisje van 33 een relatie had met een Mexicaanse jongen van 17, enz... kortom je maakt zo wel wat mee... Natuurlijk loopt niet alles altijd van een leien dakje, ik heb me ook soms alleen gevoeld en onbegrepen, maar hierdoor koester je de gelukkige momenten nog meer.
Na drie intense fantastische weken moesten we afscheid nemen, dit viel ons allen heel zwaar. Met pijn in mijn hart nam ik afscheid van mijn werkkampvrienden.
Maar ik wist dat het nog lang geen tijd was om naar huis te gaan. De 2 volgende weken verbleef ik nog steeds in dit schattige dorpje bij een vriendin; ik amuseerde me nog goed maar het was toch niet meer hetzelfde. En daarbij, Mexico is zo groot, nog zoveel plekjes om te ontdekken!
Ik twijfelde of ik nog een kamp zou doen of rond zou reizen. Ik nam contact op met de organisatie van Vive Mexico en al snel werd duidelijk dat ik naar Michoacan zou reizen om de zeeschildpadden te ontmoeten. Een nieuw avontuur stond mij te wachten, ik voelde mij in een boek van Suske en Wiske.
Zonder enige routebeschrijving vertrok ik richting Zuiden, van de woestijn naar de jungle, een busreis van 25 uur. Ik denk dat ik bijna heel de rit met verwonderde ogen naar het landschap heb zitten staren: de cactussen veranderden in felgekleurde bloemen en het zand in frisgroene jungle. Tijdens de reis was ik ongerust; weer kwamen er allemaal vragen naar boven: is dit kamp niet fysiek te zwaar, zal ik het wel vinden, en hoe zit dat eigenlijk met die schildpadden...? Ik was totaal onvoorbereid.
Colola, Michoacan
Het is echt helemaal afgelegen, vandaar dat ik dus weer moeite had met de ontmoetingsplaats. Ik was een dag vroeger in de streek Colola, niemand wist van mijn komst en om te kunnen telefoneren of mailen moet je 3 uur reizen naar het volgende dorp. Ik zat dus met al mijn bagage in de wildernis, de wanhoop nabij; 2 uur zat ik daar en niet één auto passeerde. Het begon al donker te worden en ik werd omsingeld en aangevallen door duizenden muggen. Na vier uur wachten passeerde er plots een jeep, maar toen ik het echt besefte was hij al weer verdwenen in de duisternis. In mijn hoofd speelde zich het beeld van de jeep opnieuw af en ik zou gezworen hebben dat er drie blonde meisjes achterin zaten... vreemd... blonde meisjes in Mexico. Vooraleer ik er goed over kon nadenken passeerde weer diezelfde jeep, mijn redding was nabij. Het waren dus mijn kampgenoten, gelukkig!
Dit kamp was echter wel totaal iets anders. Deze keer geen vriendelijk onthaal, zelfs géén onthaal. Er was nog maar één meisje van mijn eigenlijke kampgroep, al de anderen waren van de vorige groep en hadden het moeilijk een lach op hun gezicht te brengen, wetende dat ze binnen enkele dagen moesten terugkeren naar hun eigen land. Er heerste een ongezellige sfeer, mijn motivatie en enthousiasme waren weg. Met verdriet dacht ik terug aan mijn vorige kamp en al de mensen die ik had achtergelaten,... het liefst van al wou ik terug naar het Noorden. Ik had mezelf beloofd me sterk te houden en af te wachten tot mijn werkkampgenoten arriveerden.
Pas twee dagen na de aanvangsdatum waren we volledig. Van organisatie was er in dit kamp geen sprake, in dit kamp moest je het volledig alleen redden. We sliepen in een grote hut die de vrijwilligers van het vorig kamp hadden gebouwd. We waren met zestien en er waren maar twaalf bedden, dus moesten we onze hut vergroten. Er was een leidster die geen leidster wou zijn en dit zorgde dus voor grote problemen. Dan waren er nog twee biologen die enkel Spaans praatten en ook in dit kamp kon het merendeel nog niet 'hallo' zeggen in het Spaans, echt wel jammer!
De eerste week verliep heel chaotisch en ik voelde mij heel alleen; al gauw werd duidelijk dat eigenlijk niemand echt tevreden was met de organisatie, hierdoor werden er groepjes gevormd en was er niet echt sprake van een groep. Zo erg vond ik dat eigenlijk niet, want ik had drie hele goede vriendinnen erbij en het werk was echt indrukwekkend en interessant! Je kan moeilijk met zestien mensen allemaal even goed bevriend zijn.
Het werk was zwaar maar ik genoot van elke minuut. Je werkt van 21.00u tot ongeveer 4.00u 's nachts, af en toe kun je wel een dutje doen op het strand. Je werkt samen met Mexicaanse mannen van het dorp, de 'patroulleros' genoemd, deze doen dit werk al jaren en zijn dus schildpadkenners. Het strand is verdeeld in 6 delen, elk deel is ongeveer 2 km breed; elke avond krijg je een deel toegewezen en een patroullero. Het is dan de bedoeling dat jij op dat bepaalde deel alle schildpadden registreert en de eieren verzamelt. Deze worden dan in de vivero (=broedplaats, afgesloten stuk strand waar al de eieren veilig kunnen uitkomen) geplaatst, de vivero bevindt zich naast je woonhut. De eieren worden van het stranddeel naar de vivero gebracht door kinderen van het dorp, ze krijgen dan een kleine vergoeding per ei. Het contact met deze kinderen verlicht het zware werk; heel de nacht zijn ze samen met je op het strand, het zijn allemaal schattige deugnietjes die je echt wel wakker houden!
Het werk is echt wel heel tof maar zwaar, vooral omdat je in de weekends ook moet werken en in al de andere kampen heb je dan vrij. Je mag per week een dag en nacht vrij nemen, maar enkel twee personen per nacht. In het totaal heb ik maar twee verlof dagen genomen, maar ik had het er wel voor over, die schilpadden hebben mij echt geboeid.
Weeral bleek maar eens dat verscheidene mensen niet goed hadden nagedacht over vrijwilligerswerk en hun voeten veegden aan het werk; ik vind dat echt zo jammer dat verslechtert alles voor iedereen. Na dertien dagen waren er drie meisjes die plots beslisten om weg te gaan en te gaan rondtrekken in Mexico; ze wilden zelfs hun geld terug, echt schandalig vind ik dat. In groep hebben we erover gepraat en ja, je kan niemand dwingen om te blijven, dus namen we afscheid. Na een week was er één van de drie al terug, ze mistte het kamp toch... hmhm. Daar kan ik dus echt moeilijk mee omgaan, als je beslist om vrijwilliger te zijn doe het dan ook alstublieft!
Ik vond dit kamp ook zeker de moeite! Ik wist dat het nooit even leuk kon zijn als het vorige en dat is het nadeel van twee kampen doen. Je vergelijkt altijd, alhoewel deze twee kampen niet vallen te vergelijken.
Hier heb ik veel interessante mensen leren kennen en leren overleven met niets. Dit kamp ligt echt wel in een aards paradijs: prachtige natuur, maagdelijke stranden en geen toeristen, haast geen mensen! Het leukste vond ik het hippiestrandje Marvatta, wat verderop. Regelmatig gingen we overdag daar zwemmen en luieren Hier heb ik de beste herinneringen aan en natuurlijk ook aan de schildpadden.
Drie weken waren echt wel genoeg voor mij, daarna wou ik terug naar de bewoonde wereld. Terug muziek, een douche met stromend water, een wc die niet in de wildernis staat en met een bril misschien,... Het is toch echt raar hoe je die dingen achteraf beter kunt appreciëren.
En zelfs na dit kamp wou ik nog niet naar huis. Ik besloot het Zuiden te gaan verkennen en een rondreis te maken van nog een maand.
Als afsluiter wou ik nog even vermelden dat ik zeer tevreden ben over mijn vrijwilligersprogramma in Mexico. Al loopt alles niet altijd even vlot als je hoopt, je leert er zoveel van bij. Innerlijk wordt je er veel rijker van en een ding weet ik zeker: volgend jaar in de zomer ben ik in Mexico!
Medina Vlaeymans